• olieverf op doek
  • online gallery
  • webshop
home » over de kunstenaar » Flarden » Flard 3: Ontwaken op de IC

Flard 3: Ontwaken op de IC

Ik werd ’s morgens wakker op de IC, na een nachtelijke spoedoperatie. Het was december 2018. Ik keek om me heen en zag alleen maar apparaten. Een wereld vol medische technologie. Geen verpleegkundige, geen dokter, zelfs geen medepatiënt te bekennen. Mijn mond was kurkdroog. Ik lag aan allerlei slangen en snoeren, dus ik kon er niet uit. Maar ik voelde me toch beter dan de dag ervoor, toen ik met de ambulance naar het ziekenhuis was gebracht.

Zo lag ik daar uren. Niemand kwam. Niemand ging. Ik had ook geen ‘belletje’, zoals je krijgt op zaal. Blijkbaar word je als IC-patiënt niet geacht om hulp te vragen. Ik kreeg in toenemende mate het gevoel dat ik in de voorraadkamer voor medische apparaten was beland. Gelukkig was ik nog dizzy van de narcose, dus ik werd niet bang. Af en toe viel ik in slaap.

Uiteindelijk kwam er een jongeman in een witte jas. Nog voor hij iets kon zeggen, vroeg ik piepend en krakend: “Mag ik een glaasje water, alstublieft?!”. Hij reageerde prompt: “Maar ik ben arts.” Even was ik in de war gebracht. Maar dizzy of niet, ik had de boodschap snel begrepen: deze arts zorgt niet voor mensen. Daar is hij te belangrijk voor.

Ik heb niet gesmeekt en ook niet gevloekt, maar ik heb hem heel streng aangekeken. Dat hielp. De jonge dokter pakte een plastic bekertje, liep naar de kraan en gaf me wat water. Helaas had hij niet de moeite genomen om de kraan even te laten lopen, dus het water was lauw en het smaakte naar metaal. Dat heb ik hem maar vergeven.


«   »

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.