home » Dit is geen sprookje

Dit is geen sprookje

Gepubliceerd op 8 september 2017 10:43

Er was eens een dorp en dat heette Alem. Daar stonden vier Lakenvelderkoeien en een Lakenvelderkalfje in de wei.
Op een dag kwamen er mensen uit de stad om naar de dieren te kijken.

Er kwam ook een fotograaf langs, uit een andere stad. Hij maakte mooie foto’s voor de krant. Heel idyllisch: de boer, de boerin en hun twee kindjes stonden voor het hek. De Lakenvelders stonden erachter. Zo had ieder z’n plaats in dit arcadisch universumpje.

 

De boer en boerin waren eigenlijk hobbydierhouders. Dus ze hoefden niet van de opbrengst van de dieren te leven. De boer ging gezellig met de stadse mensen de wei in om de koeien van dichtbij te bekijken. En hij praatte wat over de dieren. Lakenvelders zijn heel zeldzaam. Dat wisten de stadse mensen ook. Maar dat Lakenvelders zeldzamer zijn dan tijgers, dat wisten ze nog niet.

 

Er zijn nog maar zo’n 2500 tot 3000 Lakenvelders, vertelde de boer. Dat is inderdaad heel weinig, zelfs vergeleken met de schaars geworden tijger. Daarvan zijn er wereldwijd namelijk nog zo’n 3900, volgens het Wereld Natuur Fonds. Het WNF is een campagne gestart om het aantal tijgers te verdubbelen. Zo’n machtige beschermer heeft de Lakenvelder helaas (nog) niet.

 

Maar gelukkig hebben de Nederlandse Lakenvelders wel familie in het buitenland. Bijvoorbeeld de Dutch Belted Cow in De Verenigde Staten. En in Duitsland en Zwitserland heb je het Allgäuer Gurtenvieh. Die lijken allemaal op elkaar. Ze hebben allemaal dat witte ‘laken’ om hun buik. Als het laken niet recht zit, of als er een hap uit is, mag het dier niet in het stamboek. Dat is een vorm van buitensluiten waar de koeien gelukkig geen weet van hebben.

 

Lakenvelders zijn vleeskoeien, maar ze worden vaak ook voor de sier gehouden, zoals bij de hobbyboer in Alem. Hij dacht erover om een koe te laten slachten en het vlees te verkopen, maar hij kon het niet over z’n hart verkrijgen. Dat kon ik me indenken. Als stadsmeisje en vegetariër heb ik het ook niet zo op slachten.

 

Zo kwamen stad en land die dag een beetje bij elkaar.

 

Thuis gekomen selecteerde ik mijn foto’s om ze te gaan gebruiken bij het schilderen van de Lakenvelders. Toen zag ik het pas goed: dat kalfje in de wei leek sprekend op het kalfje dat ik al weken aan het schilderen was! Wonderlijk: eerst heb je het schilderij, dan pas het model. Als dat de omgekeerde wereld niet is! Geen sprookje hoor. Het is echt waar.

 

N.B. Alem bestaat echt. Het boerengezin ook. Het was 2 september Open Dag van de Lakenvelder.

 

 


«   »